Momenteel zit ik thuis. Zo heet dat. Even geen werk voor mij. En daarnaast het liefst helemaal niks. Ik wist niet dat ik dat zo hard nodig had. Na het griepje van laatst ben ik vooral doodmoe en futloos. Op de een of andere manier kom ik er maar niet bovenop. Best een beetje zorgelijk. Hopelijk duurt het kort. En tot die tijd hou ik me koest. “Je moet trouw zijn aan jezelf,” zei de buuf. Dat klonk heel redelijk.
Ondertussen wordt er in ons huis behoorlijk geklust. Al dagen werklui over de vloer. Nagenoeg alle ruiten zijn vervangen voor dubbele en de nieuwe pui is geplaatst. Met openslaande deuren nota bene. Dat is toch wel heel wijs. Volgende week plaatst Simon de Aannemer nog de laatste twee ruiten, de nieuwe voordeur en fikst hij wat ander klein werk. Nu op zoek naar een nauwkeurige Poolse schilder. Iemand?
Ooit bracht Wuutsj drie studiemaanden door in Jönköping. Sindsdien bezitten wij een grappig Zweedstalig worship-cd’tje. Nagenoeg onverstaanbaar, maar daarom zeker niet minder mooi. Integendeel, dankzij dat rare taaltje hoef ik me niet steeds op te winden over slechte vertalingen, slappe zinnen en onverklaarbare artistieke keuzes. Geef mij maar Zweeds. Nu het schijfje voor de derde keer draait vandaag, begin ik voorzichtig een beetje mee te zingen. Blijken er verdraaid veel Zweedse woorden in mijn hoofd te zitten. “Glooooria, Hemnes Maaaaajestet, lack, bestå, biiiiiilly, helig, helig, heeeeelig.”
In mij huist een griepje. En dat heeft ook zo z’n voordelen. Vanmiddag de hele middag heerlijk liggen slapen en vanavond tijd voor leuke terugkijk-tv. Daarom met klem een kijkadvies: Zinkende mannen. Een groep veertigers besluit een synchroonzwemteam te starten. Waarvan akte.
Hieronder de embedded versie (indien nodig even Silverlight installeren).
In de kerk krijgen we een behoorlijk klassieke dienst voor onze kiezen. Precies zoals dat bij Goede vrijdag past. Stemmig, ingetogen, Bach, zitten, staan, zitten, staan.
Lekker geen preek, moeten de jochies in de rij voor me hebben gedacht. Ze bladeren ginnegappend door een bijbel. Een van hen laat zijn oog vallen op het gedeelte waar haarfijn de omvang van Salomo’s harem uit de doeken wordt gedaan.
“Moet je kijken hoeveel vrouwen die man had.”
“Dan moet je vet vaak naar een verjaardag.”
“Ja, en weet je hoeveel schoonmoeders je dan hebt…”
Wie een lang weekend overweegt heeft werkelijk niets te zoeken in zwoel Sittard, bruisend Bastenaken of heerlijk Haarlem. Berlin has got it all. Wat een stad is dat, zeg. Stoere gebouwen uit spannende tijden, een Olympisch Stadion van puur beton, en allerhande Straßes met de kekste tentjes. Meer dan Berlijners zijn er worsten. Van groot tot klein, van vet tot vadsig. Vreest echter niet dat je dagenlang aan de vlezige Duitse hap moet. Wij aten er tot groot genoegen onzer papillen Vietnamees, Koreaans, Hongaars en Spaans. Ja, en zuurkool met sudderhammetjes als ontbijt – maar dat was omdat dat alleen in Duitsland kan. Over vlees gesproken. Vanmiddag ontdekte ik dat er bij ons in de supermarkt vleeskleurig damesondergoed in de schappen ligt. Niet tussen de schnitzels en braadvinken, maar keurig bij de herensokken. Prima herensokken, overigens. Mooi voor in de sandalen. Het is tenslotte lente.
Tegenover me in de trein zit een mevrouw met een flinke schoenmaat en dito adamsappel. Een hardnekkige kriebel in haar keel ontaardt in een luid en laag gekuch. Het is een hij. De piekerige pruik, joekels van oorhangers, het tuttige jasje. Alles wijst op een jongeman die heel graag een deftige dame wil zijn.
Daar zit je dan in een mevrouwenkostuum, je stoppels met poeder gemaskeerd, je nagels in de lak, weggedoken achter een boek. In onze contreien wordt geen carnaval gevierd, hij is dan ook de enige verklede reiziger in de coupé. Iedereen ziet het. Behalve een klein meisje. Jaloers kijkt ze naar de zwarte jurk, de royaal gestifte lippen, het chique collier. Je hoort haar denken: wat een mooie mevrouw. Ze krijgt zelfs een glimlach van de mevrouw met de adamsappel. En ik zie haar moeder denken: die gaat de rest van de week om nagellak zeuren. Let maar op.
Vrede op aarde – en voor iedereen een rollade. Met de kerstdagen in het vooruitzicht bereid ik me voor op een stief aantal uurtjes in de keuken. Eerste kerstdag doen we het dessert. Tweede kerstdag het vlees en derde kerstdag ook. Met een keukentafel vol kookboeken tot gevolg. Kerstnacht en kerstochtend moet er worden gezongen, dus het toetje van eerste kerstdag neemt Wuutjs voor haar rekening. Ik het gebraad van de dagen erna. Nu twijfel ik nog tussen hele kip (bio met een citroen erin, honing en tijm), runderribstuk (mosterd, rosemarijn, tijm, knof, enz), varkensbraadstuk (peper, zout, abrikozenaioli) en eend met appel en stroop. Konijn kan ook. Kwam daaromtrent net een heerlijk recept tegen met linzen en honing. Maar als het aan de kat lag, werd het lam, zo ontdekte ik net tijdens het koken. Het snijafval ging erin als koek. Of als de handtas van Wuutsj, want die lust ‘ie ook. Net als kamerplanten, rozijnen en vloerkleden. Als ik derde kerstdag tijd over heb, serveer ik Guus een puree van hoogpolig tapijt, gegarneerd met een stuk krant en een usb-stick toe.
Er zijn beroerdere seizoenen om in een prachtwijk te wonen. In deze adventstijd is er bij ons in de buurt namelijk in hoge mate sprake van verlichting en bezieling. Of andersom. Verbeten tuigen mensen hun beperkte voortuinen op met meters lichtslang en andere in het oog springende kerstsieraden. Zoals led-rendieren en goedlachse Kerstmannen met een KEMA-keur. Hoewel het bij ons in de straat allemaal wel meevalt, konden we – vonden we – niet achterblijven. In ons boompje aan de straat prijken daarom sinds gisteren veertig glimmers van de Welkoop. Opdat we een licht zullen zijn. Voor velen.
Ons Punto’tje moest voor de APK. Altijd spannend. Vooral omdat het barreltje al vier keer z’n aanschafprijs heeft gekost, aan reparaties en revalidatie. Lullig voor ons mannetje, want die moet steeds weer het slechte nieuws brengen. Wuutsj en ik reageren dan oprecht terneergeslagen. ‘Tja, je hebt geen nieuwe voor dat geld’, stamelt het mannetje dan. En dat gaat nu dus al meer dan een jaar zo. Het enige onderdeel dat er nog vanaf het de aankoop inzit is de cd-speler, en die heb ik er nota bene zelf ingezet.
Nu was er weer een raar onderdeel stuk. Kosten + apk: een heleboel. Maar hij heeft eventueel ook een andere staan. Zo’n cassettespeler met een Ford Focus uit ’99 eromheen. Ik wil wel, maar Wuutsj wil nog even bedenktijd. Morgen maar eens proefrijden.
Heeft iemand toevallig nog cassettebandjes liggen?
Zo, daar ben je dan. Misschien wel voor het eerst. Als dat zo is, ga dan even staan en steek je hand op. Leuk dat je meeleest. Ga je weg? Kom gerust nog eens terug.
Momenteel bekijk je het weblog archief van de maand Broeder T..