Genoeg

28 april 2009

Stokpaardjes zijn gekke dingen. Natuurlijk, in letterlijke zin is dat zeker zo. Een paardenhoofd op een stok. En dan zelf briesen en snuiven. Om er nog enigszins een realistische draai aan te geven. Niet veel later ontdek je dat er meer is. Van vriendjes leer je dat je met een wasknijper en een kartonnetje op je fiets net een brommer bent. Prrrrrrt.

Het stokpaardje van nu is natuurlijk niets anders. De verloren zoon. De overspelige vrouw bij de put. Bono’s poverty-preek. Knielen op een bed violen. Het zijn de dingen waar ik dan een poos vol van ben, kleine mantra’s waarmee ik gesprekken doorspek, de triviantjes van het geestelijk leven. Maar het duurt nooit lang, of er is iets nieuws. Mijn micro-evangelie van dit moment heeft alles te maken met ‘genoeg’. O, al dat geconsumeer van mij laat me maar niet los. Ik ben dan ook verwoed op zoek naar de toverspreuk waarmee ik het hebberige monstertje in me tot bedaren kan brengen. En ja, dat komt natuurlijk ook een beetje door de ongezouten filmpjes van John Piper. Want als je die hebt gezien, nou, dan loop je wel even wat vromer door de AH XL. En op zo’n moment denk ik heel oneerbiedig:

Wat fijn dat er Amerikanen zijn. Dat er een mensen zijn die, wat consumeren betreft, uitblinken in het uitblinken daarin. Met hun Wallmarts, gallons diesel, General motors, anabolenbiefstukken, gemixte rosés, christelijke bookstores van het formaat Hema, en hamburgers zo groot als hoofdkussens. Kijk, een leuk filmpje:

Ik lijk Donald Duck wel

19 januari 2009

Vandaag had ik een thuiswerkdag. En eigenlijk is dat toch wel de meest aangename van alle werkdagen. Weldadig slaap ik uit tot vlak voor werktijd, bak ik broodjes af en plan ik een uitstapje voor in de middag.

Zo belandde ik tegen vieren bij de plaatselijke Pietje Prik om mijn spijkerbroek op te halen die daar was voor reparatie. In ruil voor bonnetje 473 en negen euro was de broek weer van mij. Ik liet er tevens nog drie andere broeken achter. Een zonder knoop, een met een kapot kruis en een te lange. Voor zo’n twintig euro zijn die binnenkort ook weer als nieuw. “Daar koop je nog niet één nieuwe broek voor”, gonst het door mijn hoofd.

Nog snel even naar de kapper voor ‘de contouren’. Omdat ik heb besloten de haargroei weer een kans te geven, laat ik voorlopig alleen nog scharen, tondeuses en messen toe in het gebied rond de oren en de nek. Een klus van niks dus. Dat vond de kapster ook, en daarom hoefde ik zelfs helemaal niks te betalen. Ik heb haar gezegd dat ik dat ronduit lief vond en bij het weggaan heel hard ‘tot de volgende keer!’ geroepen. Alsof ik een vaste klant ben.
Een dagje spekkoper. Tjonge, ik lijk Donald Duck wel. Die heeft ook regelmatig een themadag.